Nieuws

Autobedrijven verkopen recordaantal tweedehands auto's

In de eerste drie kwartalen van 2019 hebben autobedrijven een recordaantal tweedehands auto's verkocht, meldt branchevereniging BOVAG dinsdag. Er werden in totaal 955.958 zogenoemde occasions verkocht, wat 1,8 procent meer is dan in dezelfde periode in 2018.

Bijna de helft van de tweedehandsverkopen komt van dealers die zijn aangesloten bij BOVAG. De ruim vijfduizend dealers en autobedrijven verkochten van januari tot en met september 460.386 gebruikte auto's. Dit is 1,6 procent meer dan in dezelfde periode in 2018.

De handel tussen particulieren is juist op een dieptepunt. Met 512.032 auto's werden er onderling dit jaar 10,9 procent minder occasions verhandeld.

Volgens BOVAG daalt de verkoop van auto's tussen consumenten onderling al jaren. Waar het over heel 2007 nog 845.000 auto's betrof, was dit in 2018 nog zo'n 670.000. Daarentegen stijgt de tweedehandsverkoop van auto's door autobedrijven in diezelfde periode van 1.053.000 in 2007 naar 1.250.000 occasions afgelopen jaar.

"Autokopers blijken dus vooral op zoek naar zekerheid en kloppen daarvoor aan bij een professioneel adres, in plaats van op jacht te gaan naar een koopje bij een particulier, met alle risico's van dien", denkt de branchevereniging.

Bron

NU.nl 8 oktober 2019

Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 (Bbz 2004) per 1 januari 2020

Met ingang van 1 januari 2020 wijzigt het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 (Bbz 2004).

Met ingang van 1 januari 2020 wijzigt het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 (Bbz 2004) op de volgende vier onderdelen:

Vernieuwing van de financieringssystematiek voor het Bbz 2004;
Afsluiten van de instroom bij centrumgemeenten voor Bbz-bijstandsverlening aan ondernemers in de binnenvaart, zij kunnen met hun aanvraag terecht bij hun woongemeente en indien die ontbreekt, bij de gemeente van de feitelijke ligplaats ten tijde van de aanvraag;
Beperking nieuwe instroom van oudere zelfstandigen met een niet-levensvatbaar bedrijf tot personen die zijn geboren vóór 1 januari 1960;
Verdere uniformering van het Bbz 2004 met de uitgangspunten van de Participatiewet.
Zie voor meer informatie:

Publicatie 'Bbz 2004 per 1/1/2020; informatie voor gemeenten'
Checklist 'Wat moeten en kunnen gemeenten doen'
Besluit tot wijziging van het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 (Staatsblad 2019, 306)

Bron

Rijksoverheid

ABN: Kledingwinkels zonder goede locatie of website hebben het moeilijk

De kledingbranche kent een tweedeling waarbij winkels met een aansprekende locatie of aantrekkelijke website de omzet snel zien groeien, terwijl de rest het lastiger heeft. Dat concluderen ABN AMRO en Locatus in een dinsdag verschenen onderzoek waarvoor omzetgegevens met data over locaties werden gecombineerd.

De branche weet maar beperkt te profiteren van de economische voorspoed. Zo nam de gecombineerde omzet van de winkel- en online verkopen in 2018 maar met 2 procent toe.

De tweedeling in de sector is groot, melden de onderzoekers. Zo groeide een op de vijf kledingwinkels vorig jaar met meer dan 10 procent, terwijl meer dan de helft van de winkels de omzet juist zag dalen. Bij maar liefst een kwart van de winkeliers was de omzetdaling zelfs groter dan 10 procent.

Kleine marges in de kledingbranche
Een omzetdaling betekent voor kledingretailers vrijwel meteen een flinke winstdaling, omdat de marges in de branche erg klein zijn.

Zo zijn de bedrijfsresultaatmarges voor modezaken voor losse doelgroepen zoals mannen, vrouwen of kinderen gemiddeld 3 tot 4 procent, terwijl die van lingeriewinkels maar 2 procent bedragen. Voor winkels met een gemengde doelgroep is de marge gemiddeld zelfs negatief.

De prognose van ABN AMRO voor de branche is dat de gemiddelde groei dit jaar stilvalt. Dit baseren de onderzoekers op de tegenvallende omzet, waarbij meer dan de helft van de ondernemers in het eerste kwartaal een daling zagen.

De onderzoekers verwachten dat de tweedeling tussen succesvolle en minder succesvolle ondernemers dit jaar en in 2020 groter wordt.

Kwaliteit blijft belangrijk, maar er is meer nodig
De sterke verschillen hangen voor een belangrijk deel samen met zichtbaarheid, zowel in de winkelstraat als op internet. Kwaliteit en service blijven doorslaggevend voor succes, maar volgens de onderzoekers is er meer nodig om omzetgroei te realiseren.

In Amsterdam, Rotterdam en Den Haag bleek afgelopen jaar dat een drukke en zichtbare locatie erg goed is voor de omzetgroei. Kledingwinkels realiseerden hier 7 procent omzetgroei. Als deze steden niet worden meegeteld, dan nam de omzetgroei in de Randstadprovincies af.

Overigens is niet alleen in de Randstad omzetgroei te behalen: in het noorden realiseerden winkeliers 3 procent groei. In zuidelijke provincies gaat het moeilijker en nam de omzet met 7 procent af. Mogelijk komt dit doordat er in het zuiden flink meer winkels zijn.

Invloed van A-locaties op omzet
Ook binnen een regio zijn er variaties in locaties, die het verschil kunnen maken tussen groei, stilstand of krimp. Zo blijken consumenten veel meer oog te hebben voor winkels op A-locaties, waar tussen de 75 en 100 procent van de winkelende mensen voorbijkomen.

In 2018 werd maar liefst 44 procent van alle 'offline' omzet behaald door winkels op dergelijke locaties, terwijl maar 21 procent van de winkels op zo'n plek is gevestigd. Dit betekent dat de omzet van een winkel door een A-locatie gemiddeld wordt verdrievoudigd. De omzet per vierkante meter is zelfs ruim vier keer zo hoog.

De online omzet groeide ook sterk en was zelfs de oorzaak van de algehele groei van de branche. Als deze omzet niet wordt meegeteld, dan zou er een krimp van 5 procent zijn geweest in plaats van de 2 procent groei.

Winkels die minder dan 10 procent van de omzet uit online verkopen halen, zagen hun omzet in 2018 gemiddeld met 5 procent dalen. De gehele kledingbranche behaalt 15 procent van de omzet uit webverkopen. Volgens ABN AMRO wordt dat aandeel in 2019 en 2020 alleen maar groter.

Bron

nu.nl 20 augustus 2019

Omzet zakelijke dienstverlening 6,2 procent hoger

De omzet van de zakelijke dienstverlening lag in het tweede kwartaal van 2019 6,2 procent hoger dan in hetzelfde kwartaal een jaar eerder. Vorig kwartaal was dat nog 6,8 procent. De omzet is inmiddels 25 kwartalen achter elkaar groter dan een jaar eerder. De omzet lag voor het laatst lager in het eerste kwartaal van 2013. Dit meldt het CBS op basis van nieuwe kwartaalcijfers.

De omzet van de IT-dienstverleners was 7,0 procent hoger dan een jaar eerder, net als in het eerste kwartaal van 2019. In het laatste halfjaar van 2018 lag de omzet ruim 8 procent hoger.

Bij de administratieve dienstverlening (accountancy, belastingadvisering en administratie) lag de omzet in het tweede kwartaal 6,7 procent hoger dan een jaar eerder. In de periodes hiervoor, vanaf het eerste kwartaal van 2018, was dat elk kwartaal ongeveer 5 procent.

Bij de uitzendbureaus en arbeidsbemiddeling was in het tweede kwartaal van 2019 de omzet 5,8 procent groter. De omzet in deze branche ligt daarmee nog steeds hoger, maar het verschil wordt wel steeds kleiner. De laatste keer dat het verschil in omzet lager was dan 5,8 procent is 10 kwartalen geleden, in het vierde kwartaal van 2016 (4,6 procent).

Bij de architecten lag de omzet 3,4 procent hoger, een aanzienlijk kleinere omzetontwikkeling dan de 9,7 procent in het eerste kwartaal. De architectenbranche is binnen de zakelijke dienstverlening een relatief kleine bedrijfstak, waardoor fluctuaties in de omzetontwikkeling eerder optreden.

Ondernemersvertrouwen neemt toe, personeelstekort groeit
Het ondernemersvertrouwen van de zakelijke dienstverleners stijgt in het derde kwartaal van 2019 naar een waarde van 15,3. Een kwartaal eerder was dit nog 13,0. Wel blijft het vertrouwen achter bij 2017 en 2018, toen de jaargemiddelden respectievelijk op 18 en 19 uitkwamen.

35 procent van de ondernemers in de zakelijke dienstverlening ziet een tekort aan personeelskrachten als belemmering voor de activiteiten. In het eerste halfjaar van 2019 was dit nog 33,9 procent. Van alle branches is het personeelstekort in de zakelijke dienstverlening het grootst.

Bron

CBS 2 september 2019

Vertrouwen auto- en motorbranche zakt verder weg

Het vertrouwen van ondernemers in de auto- en motorbranche is voor het derde kwartaal op rij gedaald. Het vertrouwen zakte van -5,3 begin tweede kwartaal naar -12,7 aan het begin van het derde kwartaal van 2019. Na het tweede kwartaal van 2014 is het vertrouwen niet zo laag geweest. De autobranche was begin derde kwartaal de enige bedrijfssector waar het vertrouwen van ondernemers negatief was. Dit meldt het CBS in het nieuwe kwartaalbeeld van de auto- en motorbranche.

Ondernemers in de auto- en motorbranche tonen zich in het derde kwartaal van 2019 vooral bezorgd om hun omzet. Per saldo verwacht bijna een kwart in het komende kwartaal een daling. Een minderheid van 6,1 procent denkt dat de omzet zal stijgen, een kwartaal eerder was dat nog 17,3 procent.

De omzetverwachting van de ondernemers in de branche is sinds het derde kwartaal van 2013 niet zo negatief geweest.

Omzet auto- en motorbranche stagneert
De omzet van de auto- en motorbranche was in het tweede kwartaal van 2019 nauwelijks groter dan in hetzelfde kwartaal van vorig jaar (0,1 procent). De voorgaande kwartalen lagen de omzetten bij een dergelijke vergelijking nog duidelijk hoger. Van alle sectoren in de auto- en motorbranche behaalden de gespecialiseerde reparatiebedrijven vergeleken met het tweede kwartaal van 2018 de grootste omzettoename (4,8 procent).

De handel en reparatie van personenauto's, de grootste deelbranche binnen de autobranche, zette vergeleken met het tweede kwartaal vorig jaar 3,5 procent meer om en de zwaardere bedrijfsautobranche 2,1 procent.

Minder omzet importeurs
De importeurs van nieuwe personenauto's zetten in het tweede kwartaal van 2019 vergeleken met hetzelfde kwartaal een jaar eerder 6,4 procent minder om. Ook de omzet van de handel in auto-onderdelen was kleiner(-1,7 procent). Het grootste negatieve verschil deed zich voor in de motorbranche, met 12,1 procent minder omzet. De verkoop van nieuwe personenauto's daalde in het tweede kwartaal met 5 procent.

Daling aantal vacatures
In het tweede kwartaal van 2019 stonden in de auto- en motorbranche 4 600 vacatures open. Iets minder dan in het eerste kwartaal, toen er nog 4 800 vacatures waren. Het aantal ondernemers in de autobranche dat last heeft van een personeelstekort is ook gedaald, van 22,3 procent begin tweede kwartaal naar 21,4 procent begin derde kwartaal.

Aantal faillissementen gedaald
Het aantal faillissementen in de auto- en motorbranche is in het tweede kwartaal van 2019 gedaald. Er gingen 24 bedrijven failliet, 5 minder dan in het eerste kwartaal van 2019.

In totaal gingen in het tweede kwartaal in Nederland 946 bedrijven failliet, 16 meer dan in het eerste kwartaal.

Bron

CBS 28 augustus 2019

Contactgegevens

BTBedrijfsadvies

Kauwenhoven 78

6741 PW Lunteren

 

T (0318) 48 33 82

E Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.