Nieuws

Detailhandel zet bijna 3 procent meer om in juni

De detailhandel heeft in juni 2,8 procent meer omgezet dan in juni 2018, meldt het CBS. Het verkoopvolume was 2,4 procent hoger. Zowel de foodsector als de non-foodsector realiseerde een hogere omzet. Daarnaast is online 16,8 procent meer omgezet.

De omzetcijfers zijn gecorrigeerd voor de samenstelling van koopdagen in juni. Op sommige dagen van de week wordt meer verkocht dan op andere dagen. Zonder deze correctie was de omzet van de detailhandel 0,1 procent hoger dan in juni 2018.

Non-foodwinkels zetten ruim 2 procent meer om
De omzet van de winkels in non-food groeide in juni met 2,3 procent. Het volume (de voor prijsveranderingen gecorrigeerde omzet) was 2,7 procent hoger dan een jaar eerder.

De winkels in meubels en woninginrichting en de winkels in doe-het-zelfartikelen, keukens en vloeren realiseerden in juni de grootste omzetstijging. Ook de omzet van de kledingwinkels, de winkels in schoenen en lederwaren, de drogisterijen en de winkels in consumentenelektronica en witgoed was hoger dan een jaar eerder. De winkels in recreatie-artikelen hebben in juni minder omgezet.

Kleine groei omzet winkels in voedingsmiddelen
De winkels in voedings- en genotmiddelen hebben in juni 0,9 procent meer omgezet dan in juni 2018. De omzet van de supermarkten nam toe met 1,3 procent, die van de speciaalzaken kromp met 1,9 procent. Het verkoopvolume was bij de supermarkten vrijwel gelijk en bij de speciaalzaken lager dan een jaar eerder.

Online omzet bijna 17 procent hoger
De online omzet was in juni 16,8 procent hoger dan in dezelfde maand een jaar eerder. Webwinkels hebben 11,6 procent meer omgezet. Webwinkels hebben als hoofdactiviteit verkoop via internet. De online omzet van winkels waarvan de verkoop via het internet een nevenactiviteit is (multi-channelers) groeide met 24,3 procent.

De omzet detailhandel is de opbrengst uit verkoop van goederen en diensten aan derden, exclusief btw. De cijfers in dit bericht zijn voorlopig en kunnen worden bijgesteld.

Bron

CBS 15 augustus 2019

Kwart bedrijven ervaart personeelstekort

Nog steeds ervaart een kwart van de bedrijven belemmeringen bij het uitoefenen van de bedrijfsactiviteiten door een tekort aan arbeidskrachten. Aan het begin van het derde kwartaal van 2019 maken ondernemers in de zakelijke dienstverlening hier het meest melding van. Het ondernemersvertrouwen, de stemmingsindicator van ondernemend Nederland, is licht gedaald naar 10,6. Ondanks deze daling is het sentiment onder ondernemers positief. Dit melden het CBS, KVK, het Economisch Instituut voor de Bouw, MKB-Nederland en VNO-NCW op basis van de Conjunctuurenquête Nederland.
Sinds medio 2018 meldt ongeveer een kwart van het niet-financiële bedrijfsleven in de conjunctuurenquête een tekort aan arbeidskrachten. Aan het begin van het derde kwartaal van 2019 is het aantal bedrijven dat hiervan belemmeringen ondervindt bij het uitoefenen van de bedrijfsactiviteiten niet verminderd. Desondanks verwacht per saldo 12 procent van de ondernemers hun personeelsbestand in het derde kwartaal te kunnen uitbreiden. Dit percentage ligt lager dan vorig jaar in hetzelfde kwartaal, toen per saldo 18 procent van de ondernemers een toename van de personeelssterkte verwachtte.

Personeelstekort het grootst in zakelijke dienstverlening
Bij 35 procent van de ondernemers in de zakelijke dienstverlening is er een tekort aan arbeidskrachten. In de bedrijfstak vervoer en opslag ervaart 32 procent van de ondernemers een tekort. Ook in de informatie en communicatie, horeca en bouwnijverheid is het percentage bedrijven dat hierdoor wordt belemmerd bovengemiddeld. In de delfstoffenwinning meldt echter slechts 5 procent van de bedrijven belemmeringen door een personeelstekort.


Ondernemers nog steeds positief
Het ondernemersvertrouwen komt aan het begin van het derde kwartaal uit op 10,6 en is daarmee 1,4 punt lager dan in het tweede kwartaal. Ondanks deze daling is het sentiment onder ondernemers onveranderd positief: de stemmingsindicator ligt ruimschoots boven het gemiddelde sinds de start van de meting in 2008 (2,0). Sinds 2014 hebben de positief gestemde ondernemers onafgebroken de overhand.

Ondernemers informatie en communicatie meest positief
Het vertrouwen onder ondernemers is het hoogst onder bedrijven in de bedrijfstak informatie en communicatie. Het ondernemersvertrouwen steeg fors van 17,9 in het tweede kwartaal naar 25,0 in het derde kwartaal. In de voorgaande elf kwartalen waren ondernemers in de bouw onafgebroken het meest positief gestemd. In het derde kwartaal van 2019 is dit echter gedaald naar 20,6. In de autohandel en -reparatie is het vertrouwen voor het derde kwartaal op rij negatief. In het derde kwartaal komt het vertrouwen uit op -12,7, een verdere verslechtering ten opzichte van het voorgaande kwartaal (-5,3).

Bron

CBS 15 augustus 2019

Omzet transport 4,6 procent hoger in eerste kwartaal

De omzet van de transportsector was in het eerste kwartaal van 2019 4,6 procent hoger dan in dezelfde periode een jaar eerder. Koeriersbedrijven zetten ruim 13 procent meer om. Bij luchtvaartbedrijven was de omzet 0,3 procent hoger dan een jaar eerder. Dit meldt het CBS op basis van nieuwe kwartaalcijfers.

Alle branches in de transportsector behaalden meer omzet dan een jaar geleden. De totale transportsector laat al 10 kwartalen jaar op jaar een hogere omzet zien.

Omzet koeriers ruim 13 procent hoger
De koeriersbedrijven boekten ruim 13 procent meer omzet. Sinds eind 2010 was de omzet in deze branche ieder kwartaal hoger dan een jaar eerder. De toenemende internetverkopen hangen hiermee samen. Particulieren bestellen meer goederen online, bij zowel de reguliere detailhandelaren als bij de webwinkels. Een groot deel van deze goederen wordt door de koeriers bij de klanten bezorgd. De omzet internetverkopen was in het eerste kwartaal 16,6 procent hoger.

Omzet luchtvaart licht hoger
Luchtvaartmaatschappijen zetten 0,3 procent meer om ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar. De omzet van het luchtgoederenvervoer was lager; die van het passagiersvervoer licht hoger. De luchtvaartmaatschappijen vervoerden wel meer reizigers, maar de prijzen van de vliegtickets waren lager dan vorig jaar. In de dienstverlening voor het vervoer door de lucht was de omzet 5,7 procent hoger. Er werden door de luchthavens meer passagiers afgehandeld, maar er werd minder vracht verwerkt.

Binnenvaart profiteert voor derde kwartaal op rij van laagwater
De omzet van de binnenvaartbedrijven was bijna 11 procent hoger dan een jaar eerder. Dit kwam onder andere door de periodes met laagwater in het afgelopen kwartaal, al waren deze niet zo extreem als het voorgaande kwartaal. Doordat de schepen minder konden vervoeren, waren er meer schepen nodig om de vrachten te vervoeren. Schippers konden daardoor hogere vrachttarieven bedingen en kregen ook een laagwatertoeslag.

Bedrijven in het goederenwegvervoer boekten 5,7 procent meer omzet. De omzet in deze branche is al vanaf het laatste kwartaal van 2013 elk kwartaal hoger dan een jaar eerder.

De laad-, los- en overslagbedrijven zetten 3,3 procent meer om. Dit is het achtste kwartaal op rij dat de omzet hoger is. De overslag in de havens lag hier voor een deel aan ten grondslag. Vooral de containeroverslag neemt de laatste jaren toe.

Transportsector positief gestemd over het tweede kwartaal van 2019
Ruim 95 procent van de bedrijven in de transportsector verwacht in het tweede kwartaal dat de omzet gelijk zal blijven of toe zal nemen. Ook verwacht gemiddeld 98 procent van de bedrijven dat de prijzen niet lager zullen worden. Uitzondering hierop is de binnenvaart: bijna 20 procent van de vrachtvaarders verwacht lagere tarieven. Dat komt ook doordat er geen of minder periodes met laagwater worden verwacht.

De post- en koeriersbedrijven zijn positief in hun verwachtingen: bijna drie kwart van de bedrijven verwacht dat de omzet in het tweede kwartaal zal toenemen. 1 op de 5 post- en koeriersbedrijven denkt met meer personeel te werken, al is het tekort aan arbeidskrachten voor bijna drie kwart van de ondernemingen in deze branche tevens de grootste belemmering. Voldoende personeel aantrekken is voor de totale transportsector een uitdaging. Het aantal te vervullen vacatures blijft stijgen.

Bron

CBS 11 juni 2019

Omzet zakelijke dienstverlening 6,8 procent hoger

De omzet van de zakelijke dienstverlening steeg in het eerste kwartaal van 2019 met 6,8 procent ten opzichte van hetzelfde kwartaal een jaar eerder. De stijging was ruim 1,5 procentpunt lager dan in de voorgaande drie kwartalen. Dit meldt het CBS op basis van nieuwe kwartaalcijfers.

De architecten zagen de omzet met 9,7 procent het sterkst toenemen, aanzienlijk meer dan de drie voorgaande kwartalen waarin de stijging rond 4 à 5 procent was. De architectenbranche is binnen de zakelijke dienstverlening een relatief kleine bedrijfstak.

Ook bij de uitzendbranche, die een flink aandeel binnen de zakelijke dienstverlening heeft, was de omzetstijging in het eerste kwartaal van 2019 met 7,6 procent bovengemiddeld, maar wel lager dan de 11 procent stijging die de uitzendbranche in de voorgaande twee kwartalen behaalde.

Bij de schoonmaakbedrijven (inclusief hoveniers) was de omzetstijging in het eerste kwartaal van 2019 met 6,6 procent ook lager dan de 10,6 procent van het vierde kwartaal van 2018. Het reclamewezen en marktonderzoek zag de stijging juist versnellen: van 1,0 procent omzetstijging in de voorgaande twee kwartalen, steeg de omzet in het eerste kwartaal van 2019 met 3,6 procent.

De omzet van de IT-dienstverleners steeg met 7,0 procent ten opzichte van een jaar eerder. Net als bij de totale zakelijke dienstverlening is dat een stijging, maar die is lager dan in de laatste twee kwartalen van 2018 waarin de omzetstijging rond 8 procent was.

Ondernemersvertrouwen neemt af
Het ondernemersvertrouwen van de zakelijke dienstverleners blijft met een waarde van 13,0 ook voor het tweede kwartaal van 2019 positief. Wel is het vertrouwen wat gedaald en staat het op het laagste niveau sinds eind 2016.

Bron

CBS 30 mei 2019

Aantal overnachtingen in eerste kwartaal toegenomen

Het aantal overnachtingen in de Nederlandse logiesaccommodaties bedroeg in het eerste kwartaal van dit jaar 18,3 miljoen. Dat is bijna de helft meer (46 procent) dan in dezelfde periode in 2012, toen 12,6 miljoen gasten in de logiesaccommodaties verbleven. Door de toename van het aantal hotelovernachtingen is de seizoensfluctuatie van de Nederlandse logiesaccommodaties iets afgenomen. Dit blijkt uit de meest recente cijfers van het CBS.

Het aantal overnachtingen in het eerste kwartaal is vergeleken met de rest van het jaar over het algemeen het laagst. In 2018 vond 15 procent van de overnachtingen gedurende het eerste en 19 procent tijdens het vierde kwartaal plaats. Het tweede en derde kwartaal waren samen goed voor 66 procent van de overnachtingen.

Aantal overnachtingen iets minder seizoensafhankelijk
De drie drukste maanden van 2018, de maanden mei, juli en augustus, waren goed voor 38,5 procent van alle overnachtingen dat jaar. Twintig jaar terug bedroeg dit aandeel nog 46 procent (maanden juni, juli en augustus). Dit komt vooral door de sterke toename van het aantal hotelovernachtingen waarbij minder sprake is van seizoensfluctuatie.

De seizoensfluctuatie wordt bepaald door het aantal overnachtingen in de drie drukste maanden te delen door de overnachtingen van het gehele jaar. De seizoensfluctuatie kan variëren van 25 tot 100 procent.

Hotels hele jaar door populair
Hotels zijn het minst afhankelijk van het seizoen. Vergeleken met campings, bungalowparken en groepsaccommodaties boeken zij gedurende het hele jaar door de meeste gasten. Campings moeten het juist hebben van de periode april tot en met september en zijn in de winterperiode vaak gesloten.

Van alle overnachtingen op campings valt 93 procent in 2018 in de periode april tot en met september. Bij bungalowparken is dit 62 procent en bij hotels 57 procent van alle overnachtingen.

Aantal overnachtingen stijgt in zes jaar met 23 miljoen
Het aantal overnachtingen in de Nederlandse logiesaccommodaties nam toe van 92,9 miljoen in 2012 naar 116,1 miljoen vorig jaar. Dat is een toename van 25 procent. Deze stijging komt vooral door een sterke toename van het aantal hotelovernachtingen (15 miljoen). Wel brengen gasten nog steeds meer nachten door op campings of bungalowparken dan in hotels.

In 2018 verbleven gasten 64,5 miljoen nachten op een camping, bungalow of groepsaccommodatie, tegenover 51,6 miljoen nachten in een hotel. In de periode 1998 tot en met 2012 steeg het aantal overnachtingen met ongeveer 10 procent. Onder totale verblijfsrecreatie vallen bungalowparken, campings en groepsaccommodaties.

Bron

CBS 30 mei 2019

Contactgegevens

BTBedrijfsadvies

Kauwenhoven 78

6741 PW Lunteren

 

T (0318) 48 33 82

E Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.